Gebruik met batterijen

  1. Voor het wisselen van de Li-Ion-accupack (13) naar batterijen verwijdert u de Li-Ion-accupack (13).

Voor het gebruik van het meetgereedschap wordt het gebruik van alkali-mangaanbatterijen aanbevolen.

  1. Plaats de batterijen.
Vervang altijd alle batterijen tegelijk. Gebruik alleen batterijen van één fabrikant en met dezelfde capaciteit.
Let er hierbij op dat de polen juist worden geplaatst volgens de afbeelding op de binnenkant van het batterijvak.
  1. Breng het batterijvakdeksel (15) aan en laat het vastklikken.
  2. Voor het verwijderen van het batterijvakdeksel (15) drukt u op de vergrendeling (16) en neemt u het batterijvakdeksel weg.